Veiligheidsreglement TC Waalwijk

Voorwoord

Veiligheid tijdens het fietsen is nogal eens het gesprek van de dag. Uiteraard staat veiligheid ook binnen onze club hoog in het vaandel

Het fietsen, in welke vorm dan ook, krijgt de laatste jaren steeds meer aandacht in de media. De berichten zijnqua veiligheid, ongevallen en rechtszaken zelden positief.  Mede daarom heeft het bestuur van TC waalwijk in overleg met de beoogd wegkaipteins en Evenementen-commissie een document met afspraken, normen, rol voor wegkapiteins, verantwoordelijkheden en inzet door leden opgesteld.

Hierdoor proberen wij bij te dragen tot een veiliger fietsklimaat voo0r onze leden en onze club. Graag uw begrip en medewerking hiervoor.
Tevens is het de bedoeling om dit document uit te reiken aan alle nieuwe leden zodat zij:
– snel en veilig kunnen integreren in onze club;
– en weten welke betrokkenheid en inzet er binnen onze club wordt verlangd.

In dit reglement vormen de wegkapiteins een belangrijke rol. De wegkapitein is gedurende de rit de verantwoordelijke man/vrouw en zijn op- en aanmerkingen dienen altijd opgevolgd te worden.

Wegkapitein M/V

(onderstaand wordt bij ‘hij’ natuurlijk ook ‘zij’ bedoeld)

Het is veel drukker op de weg en fietspad geworden en dat vraagt om een andere kijk op toerfietsen en veiligheid. Een wegkapitein kan daaraan een belangrijk aandeel leveren.

  • Hij begeleidt de groep en zorgt dat fietsers allemaal veilig en met plezier hun toerritten kunnen maken.
  • Hij maakt afspraken voor onderweg en wijst mensen vooraf op hun eigen verantwoording in het verkeer.
  • Afspraken over onder andere de snelheid waarmee gerden wordt, de route, handgebaren, gedrag op de weg, etc..
  • Afspraken die zorgen voor duidelijkheid, iedereen die meerijdt weet waar hij aan toe is en alleen dat geeft al meer veiligheid.
  • In zijn rol heeft hij oog voor de fietser(s) onderweg, ziet bijvoorbeeld dat vermoeidheid een rol gaat spelen en past daar de snelheid en organisatie op aan.
  • En hij heeft oog voor de situatie onderweg, drukke winkelstraten, spelende kinderen, snel naderende auto’s, andere fietsers.
  • Hij geeft leiding en zorgt ervoor dat de groep veilig met zo’n situatie omgaat.
  • Op verschillende manieren draagt hij bij aan een gezellig en veilig toerfietsklimaat.
  • Hij bestudeert vooraf de route zodat hij in grote lijnen weet hoe de route loopt.

Richtlijnen wegkapiteins

  • Voor vertrek duidelijke verdeling in groepen.
  • De maximale groepsgrootte is afhankelijk van het aantal opgekomen leden voor de rit, doch niet groter dan 20 personen.
  • Wie de leiding heeft als ‘wegkapitein’.
  • Waarheen de rit gaat.
  • Welke afstand er op de dindsdag- en donderdagavond wordt gereden.
  • Hoe laat je verwacht terug te zijn (zorg voor marge wegens pechgevallen).
  • Hij is altijd op de hoogte van de rit waar die heen gaat. gebruik van een GPS heeft hierbij de voorkeur.

Wacht met vertrekken totdat bovenstaande duidelijk is besproken.

Groepsnormen

  • De ritten zijn alleen voor (potentiële) clubleden.
  • Het dragen van onze clubkleding en helm tijdens clubritten (ook in de winter) is verplicht, handschoenen aanbevolen.
  • Iedereen moet iemand aanspreken die zich niet aan de gedragsregels houden.
  • We gaan zoveel mogelijk in 3 snelheidsgroepen rijden, te weten:
    Op zondagen : de C-groep 26, B-groep 30 en A-groep 32: dit is de gemiddelde snelheid.
    Op dinsdag- en donderdagavond: de C-groep 26-28, B-groep 30 en A-groep 34+. Dit is de gemiddelde snelheid. (doch de maximum snelheid mag niet hoger zijn dan 40 km/uur)
  • We zullen de verschillende snelheidsgroepen bij voorkeur niet samenvoegen.
  • De wegkapiteins bepalen voor vertrek hoeveel en welke groepen met welke wegkapiteins zullen rijden. Op dinsdag- en donderdagavond is een gezamenlijke aanloopperiode van de A- en B-groep alvorens de groepen gesplitst gaan worden.
  • We vertrekken niet eerder dan dat alle groepen verdeeld zijn en klaar staan.
  • De groepsgrootte is afhankelijk van de ritafstand. Bij voorkeur niet meer dan 14 doch maximaal 20 personen, de wegkapitein bepaalt hierin.
  • Is de opkomst gering? Dan wordt er in goed onderling overleg een groepsindeling gevormd met een daarbij passende snelheid afgesrpoken, de wegkapitein bepaalt hierin.
  • De groep(en) rijden formatie, twee-aan-twee.
  • De ‘wegkapitein’ begint achteraan, bewaakt de groepsgrootte en ziet toe op de groep. Deze rijdt met GPS en met de juiste versie van de route.
  • Onze toerkalender/GPS is leidend.
  • Let op de snelheid en begin rustig.
  • Bij een lekke band wacht de hele groep en blijft bij elkaar.
  • Iedereen houdt zich aan de afgesproken snelheid.
  • Waarschuw elkaar luid en duidelijk bij obstakels en/of gevaarlijke punten: we zijn verantwoordelijk voor elkaars veiligheid.
  • Neem de verkeersregels in acht.
  • In de bebouwde kom, snelheid omlaag.
  • Na de bocht voorin rustig aanzetten.
  • Is er een grondige reden voor omkijken leg dan 1 hand op de schouder van degene naast jou nadat je die hebt gewaarschuwd.
  • In groepsverband biet met losse handen rijden.
  • Houdt altijd rekeing met andere weggebruikers.
  • Overig verkeer waarschuwen, gebruik je fiestbel.
  • Zorg dat je voldoende getraind bent, kies de juiste snelheidsgroep en laat niemand achter.
  • Als er een obngeval is, zoek naar de oorzaak maak foto’s (bewijs gemeente/NTFU).
  • In elke groep rijdt iedereen op kop (maximaal 2,5 km).

Individuele normen

  • Kies de juiste snelheidsgroep; vermoeidheid vermindert de alertheid.
  • Heb je een slechte dag? Kies dan een andere snelheidsgroep.
  • Niet plotseling remmen (b.v. bij gemiste afslag), liever de berm in sturen als dat kan.
  • Geen grote waaiers vormen bij zijwind, vraag om minder snelheid.
  • Houdt goed rechts op smalle wegen en bij onoverzichtelijke bochten.
  • Oversteken van kruispunten: Wacht tot de hele groep over gestoken is, voor dat er weer wordt aangezet.
  • Houdt bij stilstand rechts, ook in geval van “lek”rijden. Blijf op je plaats in de groep.
  • Voorste rijders: Rustig snelheid weer opbouwen. ook na een bocht.
  • Elk lid dient de aanwijzigen van de wegkapitein op te volgen, hier is geen discussie over mogelijk.

Uitroepen en tekens

  • Tijdig de juiste weg aangeven bij kruising / splitsing =
    LINKSAF_RECHTSAF_RECHTDOOR
  • Bij voorkeur kruispunt oversteken als de hele groep dat in één keer kan = STOP_VRIJ.
  • Kop- en staartrijders waarschuwen altijd voor naderend gevaar. Signalen doorgeven in het peloton.
  • LET OP = onoverzichtelijke situatie, hond, richel, drempel, gat etc. Probeer kort en duidelijk ‘te duiden’ wat het betreft.
  • TEGEN = tegemoet komende fietser(s) of voetganger(s).
  • AUTO VOOR = tegemoet komende auto.
  • AUTO ACHTER = inhalende auto.
  • ZIJWEG = let op’; mogelijke dwarsverkeer.
  • FIETSPAD = let op; maak vanaf nu gebruik van het fiestpad.
  • PAALTJES = paal(tjes) op fietspad.
  • RISTEN = achter elkaar fietsen (smal fietspad, tegemoet komend verkeer, etc.). Elke linkse fietser laat zich daarbij voorzichtig zakken achter zijn rechter buurman.
  • DOORDRAAIEN = doorschuiven aan de kop, de rechter man laat zich zakken.
  • LEK = rustig uitrijden naar een veilige plek (bij lekke band of pech).
  • RUSTIG = voorin niet zo snel optrekken en/of hard rijden.
  • SLINGER = scherpe kronkel in fietspad.

Waarschuwingstekens

  • Linkerhand of rechterhand omhoog (voorste man) = Vaart minderen.
  • Bij links of rechts afslaan arm extra hoog uitsteken.
  • Met de hand laag naast je zwaairen = Let op! Obstakel aan die kant.
  • Geeft waarschuwingen direct en duidelijk door naar achter of voor.

Onderhoudstoestand fiets

  • Zorg dat je fiets technisch in orde is, dus goed onderhouden.
  • Iedereen is voor zijn/haar eigen materiaal (banden, ketting etc.) verantwoordelijk.

De meeste ongelukken gebeuren tegen het einde van de rit!

Verantwoordelijkheden

Verantwoordelijkheden leden

  • Zorg dat je ruim op tijd voor vetrek aanwezig bent bij het Schoenenmuseum.
  • Volg de aanwijzingen van de wegkaptein op.
  • Zorg dat je materiaal in orde is.

Verantwoordelijkheden bestuur en commissie.

  • De commissie is verantwoordelijk voor het programma en de invulling er van. Als bij een evenement de leiding van mening is dat een lid beter op een ander niveau kan gaan fietsen, dient zij in contact te treden met het betreffende lid.
  • Bestuur ondersteunt de commissie. Dus als voorgaande stap leidt tot een onbevredigend resultaat of discussie dan is het bestuur er als escalatiemogelijkheid.